Salif Keita
Over Salif Keita
Salif Keïta, ook wel de "Gouden stem van Afrika" genoemd, is met zijn 75 uitgebrachte albums een levende legende. De naam Keïta duidt op afstamming van Soundiata Keïta, de grondlegger van het Mandingo-rijk. Van iemand met de naam Keïta wordt verwacht dat hij gaat studeren, leraar wordt of een bestuurlijke functie gaat uitoefenen. Door zijn slechte gezichtsvermogen was dit niet voor hem weggelegd. Hij ontdekte dat hij goed kon zingen en koos ervoor om muzikant te worden. In 1968 vertrok Keïta naar Bamako, de hoofdstad van Mali, en trad toe tot de "Rail Band van Bamako", het orkest van de stationsrestauratie. In 1973 richtte hij een niewe band op "Les Ambassadeurs", maar in 1978 verliet hij Bamako voor Abidjan, de hoofdstad van Ivoorkust. Daar nam hij zijn eerste album op, Mandjou. Dit album was een waanzinnig succes in West-Afrika en zorgde voor Keïta's eerste belangrijke internationale erkenning. In 1980 ging hij naar de Verenigde Staten om 'Primpin" op te nemen op het album Tounkan. In 1987 bracht Keïta een nieuw album uit, Soro, waarvan het succes hem een uitnodiging opleverde om op te treden in het Londense concert ter gelegenheid van de 70ste verjaardag van Nelson Mandela. In 1990 richtte hij de vereniging "SOS Albinos" op, om albino's te helpen die het slachtoffer zijn van onderdrukking in West-Afrika. Salif Keïta keerde in 1996 terug naar Bamako om zijn eigen studio (Moffou) te openen om lokale jonge kunstenaars te helpen. Sindsdien woont hij in Bamako.