Toen de organisator in 2022 failliet ging, hing het voortbestaan van Jazz Middelheim even aan een zijden draadje. Maar oef, dit jaar was het festival er weer, met enkele vertrouwde, maar ook gloednieuwe elementen. Een verslag.
Laten we beginnen met wat níet veranderd is aan Jazz Middelheim: het speelt zich nog steeds af in het prachtige Park Den Brandt, in het malse gras tussen de oude bomen, met een kasteel op de achtergrond. En je vindt er nog steeds zowel oude jazzknarren, jonge hipsters als spelende kinderen, die ook al eens tijdens een concert voor het podium over en weer hollen, wat blijkbaar bijna niemand een probleem vindt.
Je kan er speciaalbier drinken alsof het water is, en ook best lekker eten – voor 15 euro kregen we een grote portie Indiase ‘butter chicken‘ met rijst die beter was dan wat je op restaurant vaak krijgt. (Helaas geen mosselen met friet meer, want door de verhuis van augustus naar het Pinksterweekend valt het nu voor het mosselseizoen.)
En er staat een hele grote tent – een nieuw model weliswaar, en mooi aangekleed – waarin je doorheen de namiddag en avond een vijftal uit de kluiten gewassen jazzacts aan het werk kan zien. Op maandag was dat onder meer het Ethnic Heritage Ensemble van de begeesterende 71-jarige drummer Kahil El’Zabar, die zijn tijd verdeelde tussen drumstel, handtrommel en duimpiano en ook over een uitstekende zangstem bleek te beschikken – en die een shout out deed naar een zekere Hugo in het publiek bij wie hij tijdens Jazz Middelheim 1983 was mogen blijven slapen.
Ja, dit is een festival met een lange traditie.

De nadruk lag maandag duidelijk op ritme, percussie, drums en beats. Behalve El’Zabar zagen we in de tent ook nog het vinnige kwartet The Bad Plus, aangedreven door drummer Dave King, die eventueel ook bij de Foo Fighters zou kunnen invallen. En we zagen hoe GoGo Penguin, een in se traditioneel trio met drums, bas en piano dat sterk beïnvloed is door elektronische dansmuziek, tijdens het bisnummer de hele tent op de been kreeg. En hoe alweer een drummer, artist-in-residence Stéphane Galland met een groep vaak heel jonge muzikanten (piano, keys, bas en zés blazers) het scherpste, verrassendste en meest virtuoze concert van allemaal gaf.

Maar de grootste vernieuwing lag in wat er daarnaast gebeurde op twee andere podia – geen gehuurde tenten, maar schijnbaar ambachtelijk in elkaar getimmerde kunstwerkjes die het festival een heel eigen karakter geven. Op een podium genaamd Birdland stonden liveacts met een (vage) jazzy inslag als Glass Beams, die enkele dagen eerder nog ’s avonds op het grootste podium van Primavera Sound stonden, en de Brusselaar Antoine Pierre, alias Vaague, die drums en elektronica combineerde.
Die kregen de mensen ook vlot aan het dansen, al ging vooral de laatste bij momenten zo luid en snel tekeer dat het de gezapige sfeer in het park die ook tot de charme van Jazz Middelheim behoort misschien iets te veel verstoorde. Het was tussen de concerten door altijd lekker chillen hier, en dat is nu wat lastiger geworden.

Bovendien kon er ook nog eens gedanst worden in Jasm, een door beschilderde doeken omringd hoekje van het festivalterrein waar de hele dag dj’s hun ding deden. Maandag kwam het daar niet echt van de grond tot het in de grote tent was afgelopen, eventueel nog een reden om geen twee dingen tegenover elkaar te programmeren. Afsluiters Ge-ology en Darryn Jones hadden weliswaar een goede vibe te pakken, maar hadden de danslustigen met een iets strakkere set vast nog naar een hoger niveau van opwinding kunnen tillen. Doch gezellig was het er zeker.
Voor een festival dat voor de eerste keer in deze verfrissende nieuwe vorm georganiseerd werd, viel er maandag al heel veel in de plooi, en dat belooft nog meer goeds voor de komende jaren. Dus mocht je deze editie gemist of geskipt hebben vanwege ‘jazz is niets voor mij’ – je zou je wel eens lelijk kunnen vergissen.
Ken je de Festival Cadeaukaart al?Hét cadeau voor feestend Nederland, in te wisselen bij meer dan 1.000 festivals. »